dinsdag 14 juni 2011

VF.....


14 juni 2011  Champlitte- Sevreux

Jacobus heeft het qua bewegwijzering net iets beter voor elkaar dan Petrus.
Volg de schelpen of af en toe een gele pijl erbij en je weet ; die kant voor Santiago.

Voor Rome lijkt dat net iets anders, gisteren en eergisteren was er nog niks. Zoek je eigen weg op de kaart, wij doen een suggestie.
Maar de pelgrimsvereniging in deze regio, france-comte is volgens mij een actieve club en is begonnen met de ballisage.
Okee er waren vandaag 5 verschillende aanduidingen door elkaar, maar als je weet waar je op moet letten kom je dus in Rome!

Ik ga proberen jullie op de hoogte te houden met foto's als ik weer n nieuwe tegenkom. Maar even voor de toelichting, VF met een geel balkje is naar Rome, VF in het wit is de weg terug! Niet door elkaar gooien want dan ben je weer terug bij af. Een geel silouet van een soort pelgrimsmannetje is je bent goed, met een pijl erbij is volg die richting. Dan zijn er de solo gele pijlen à la Santiago, pelgrims weten dan al snel ; hè ik ga de goede kant op. Als klap op de vuurpijl waren er af en toe hele sjieke borden, meestal bij een dorp om aan iedereen te laten zien, dit is de oude route naar Rome, en wij horen erbij!!

Fijn van de bewegwijzering is vooral dat je wegkomt van het asfalt, en loopt over onverharde wegen en langs weilanden. Ook kleinere dorpjes die hier soms aan het einde van een doodlopende weg liggen en mooie stukken bos zijn zo beter te belopen. In mijn boeken die ik bij heb ( uit 2010) staat dat de weg hier nog helemaal niet gemarkeerd is. Een goed teken dat het nu wel gebeurd. Ik denk dat Rome denkt, zoveel pelgrims naar Santiago, waarom wij ook niet?
De plaatselijke bewoners die ik spreek zien vooral die groei in de laatste 2 jaar. En alhoewel ik nog geen pelgrim ben tegengekomen weet ik van de jongen van de VVV dat er 2 achter me lopen. Ze slapen vanavond in de gite waar ik gisteren terecht kon.

Vanmorgen werd ik in "du poste" wakker van het geluid van de markt in opbouw. Eerst de mannen van de groente en fruit en de planten. Daarna kwamen de kleine autootjes van de kaasboertjes, de honing, de bakker en de slager. Voor onderweg koop ik een fromage chevre demi sec en een pain de campagne. Van de groenteman krijg ik een nectarine voor onderweg.


In het barretje aan de markt drink ik nog een koffie, terwijl de locals al een biere op de tafel hebben staan.
Vlak voor ik vertrek lopen de dame van de VVV en haar man de markt op, zij gaat aan t werk en hij gaat boodschappen. Na wat geen en weer geklets over ; "bien dormir ?" enzo vertel ik dat ik toch echt moet gaan. Het is inmiddels 10.00 en alhoewel ik maar 21 km hoef, wil ik niet de hele middag in de inmiddels felle zon lopen. Na een stevige handdruk ga ik op weg. De tekens achterna.

Al dagen lang hangt er in de middag onweer in de lucht die tegen de avond veranderd in een regenbui. Ook vandaag weer. Vlak voor Sevreux is er een haventje aan het kanaal van de rivier de Saone met een koffietentje waar ik kan schuilen en pauzeren tegelijk.
Bootmensen ook zo iets typisch ,en het levert één uur lang leuke gesprekken op. Na de haven is het nog 1 km naar t dorp waar ik zijn moet.

Via de lijst van dezelfde pelgrims association ben ik vanavond terecht gekomen bij Valerie en Roger en hun zoontjes van 6 en 8. Hun huis staat recht aan de rivier de Saone en op het grote stuk grond dat ze bezitten hebben ze een gite gebouwd. Speciaal voor pelgrims hanteren ze een veel goedkopere prijs en ik kan mee eten met de familie. Het eten is simpel en lekker, sla, aardappelgratinee en karbonades van de BBQ die ik voorzichtig afsla.( wat door de 2 zoontjes wordt toegejuigd) Natuurlijk is er na t eten eerst kaas en daarna zijn er nog kersen uit eigen tuin en huisgemaakte yoghurt en koffie en choco!!
  
Zonder die lijst had ik nu in een bed&breakfast in het saaie stadje Dampierre gezeten. Had ik niet het verschil in woord geleerd tussen een trap (escalier) en een ladder (ecelle) en geweten hoe je van 1 potje bio yoghurt 30 potjes yoghurt kan maken.

woensdag 8 juni 2011

Pelgrims...



8 juni 2011   Autreville- Neufchateau- Domremy

Eigenwijs?? Ikke??
De weg zegt rechts over de eerst volgende weg terug naar de Romeinse weg. Maar het eerste veldpad rechts lijkt eigenlijk ook wel aantrekkelijk!
In de blub, door het hoge gras, door een koeienweiland, over een koeienverzamelplek-vangrail, door nog een wei met hoog gras, en door een hek blijkt de realiteit. Maar een half uur later staan we dan inderdaad weer op de Romeinse weg. Op pad naar Neufchateau.

We gaan via Saint Elophe, een belangrijke Romeinse stad, nu een dorp, waar om het "christelijk" te maken een wederom wonderlijke gebeurtenis plaatsvond. Saint Elophe, toen nog een gewone man kwam in opstand tegen de Romeinse heersers. Hij werd onthoofd, maar liep met zijn hoofd in zijn handen de berg naar het dorp op en verrichte onderweg een aantal wonderen en genezingen. Eenmaal boven zei het hoofd dat het begraven wilde worden bij de Romeinse tempel en dat er in zijn gedachtenis een kapel moest worden gebouwd op die plek. E voilà, gelukt!
Het dorp is christelijk en vernoemd naar de heilige Elophe.

De romeinse weg verdwijnt er onder het asfalt, en dus moeten we als we niet over de Route National willen lopen een weg door het bos nemen. Aangegeven met schelpjes en rode ruiten. De omgeving veranderd hier ineens enorm en de uitgestrekte velden met koren en maïs maken plaats voor hogere heuvels en meer bos. We lopen de streek Vosges in, hoofdleverancier van hout.
Via een beek door het dorp Fruze volgen we er het bospad.

Aan het einde van de weg vlak voor het bos begint hangt op een paal een jacobsweg bewegwijzering. Daaronder een echte jacobsschelp, en een elfenbankje met een zilverkleurige mini Jacobus erop. Natuurlijk maak ik er een foto van en dat is precies de bedoeling van de maker. In de deuropening 3 huizen terug staat een oudere man.
Saint-Jacques?? vraagt hij.
Of we iets willen drinken; voor we het weten zitten we in de keuken van hem en zijn vrouw aan de koffie. Alles willen ze weten over, hoe ver, hoe lang....
Er zijn koekjes en ik denk als ik het had gevraagd ook nog wel brood...
Na een half uur verlaten we zijn huis met een stevige handdruk en een Bon Courage.





Na het dorp Rollainville met een oude middeleeuwse brug, moeten we steil het dorp uit en naar de doorgaande weg. Om een uur of 4 zijn we in Neufchateau en nog een half uur later bij de Office de tourisme.  Maar geen pelgrimsplek! Alleen hele dure hotels. Eenmaal buiten zien we op het raam een briefje hangen. Voor pelgrims, in Domremy is een pelgrimsherberg en ze kunnen ons in Neufchateau ophalen. Een telefoontje later hebben we een bed met ontbijt en eten voor €25 pp. Over n uur is hij in Neufchateau en we spreken af voor het Office.

Eenmaal in Domremy , het geboortedoro van Jehanne 'd Arc zoals ze hier schrijven blijken er nog 2 andere pelgrims te zijn. Allebei uit Duitsland, een op de fiets en een die we in Toul al hadden ontmoet.

In ons "huisje" drinken we samen wijn en eten stokbrood. Een echte pelgrimsavond vol verhalen en herinneringen, en dat voelt vertrouwd.

zaterdag 21 mei 2011

Wandelaars en pelgrims...


21 mei 2011    Einruhr-Marmagen

Het is 6 uur in de ochtend en zondag de kerkklokken van Marmagen doen hun uiterste best voor de vroege mis. Alsof ze willen zeggen, vanaf nu loop je op een pelgrimsweg en niet meer op een wandelroute.

Gisteren hadden we een lange dag gepland, waarin we toch wel het een en ander van de eifelsteig de wandelroute die we tot nu toe volgen moesten afsnijden. We willen graag naar Kloster Steinfeld lopen een dorp dat onstaan is door 2 grote congregaties, de Salvetorianen en Benediktinessen. Meer dan genoeg kans voor een pelgrimsbed zou je denken. Maar helaas in Eifelsteigland gaan wandelaars voor pelgrims. De dames en heren van de klooster winkel vinden het zo een schande dat we in beide kloosters niet worden binnengelaten dat ze Oscar €10 geven om wat te drinken op het terras voor we verder moeten.  Gelukkig voor ons had Ger besloten vandaag naar de Eiffel te rijden, per slot van rekening hadden wij Monschau "so wunderschön" gezien en hij niet. Uitendelijk vinden we via via een bed in een herberg in Marmagen, een dorp door Romeinen gesticht. En omdat Ger met de auto is ook haalbaar, met onze rugzakken in de kofferbak, zijn we in 10min 7 km verder. Bij de kerk van Marmagen krijgen we een mooie stempel in onze pelgrimspas, en de man van de dame van de herberg maakt voor ons een mega-maaltijd.  

In Einruhr vertrekken we heel vroeg omdat we weten dat deze etappe met veel klimmen en dalen zo wie zo boven de 30 km gaat komen. We lopen vandaag door nationaalpark De Eiffel, en dat ligt in de buurt van het dorp. Om 8 lopen we het park al in, en er is niemand. Het eerste gedeelte voert langs een spiegelglad stuwmeer, nog zo mooi met mist erboven zoals je alleen zo vroeg ziet. De hoeveelheid wandelaars neemt per uur toe, mooi weer en zaterdag. 
Bij de stuwdam moeten we aan de klim, 4km ,37% het serieuze werk, het pad brengt ons in Wollseiffen, een niet meer dorp met een bewogen geschiedenis.





In 1932 bouwde de nationale partij van Duitsland er op een steenworp afstand "Burg Vogelsang" . Het zou hét opleidingscentrum van Nazi Duitsland worden. Hier werden hitlerjugend jongeren klaargestoomd voor een 'glansrijke' militaire carrière. Ik hoef denk ik niet uit te leggen dat de toon die daar toen is gezet nu nog steeds meer dan voelbaar is. En zo voelde ik in het verdwenen dorp Wollseiffen voelbaar leed.

Na 1945 was het dorp zwaar beschadigd door de aanvallen op "Vogelsang" en probeerde de boeren hun huizen, kerk en akkers weer op orde te krijgen. In 1946 namen de Engelsen de Burg in om er zelf een kazerne van te maken en werd de bewoners van het dorp opgedragen binnen 3 weken hun huis te verlaten. Achter hen werd hun huis opgeblazen. Alleen de kerk bleef staan en in brand gestoken, waardoor alleen de stenen basis achterbleef. Toen in 2006 de laatste Belgische militairen uit de Burg vertrokken werden Vogelsang en Wollseiffen onderdeel van het nationaal park De Eiffel. De kerk kreeg zijn torenspits terug en 2 moderne deuren.

Een fijn gevoel had ik niet bij het weten dat we deze plekken zouden passeren. Maar toen ik er aankwam intrigeerde me het toch meer dan ik verwachtte. Geschiedenis ook als ie verre van fraai is tekenend voor een gebied.

Ik sta in de deur van de kerk, en kijk in de stilte die er heerst, leeg en kaal. Op het hoogkoor nu een modern vakwerk kruis.
Zachtjes loop ik er naar binnen, in een nisje op het einde brand een kaars.
Als ik er even heb stilgestaan draai ik met er om om de kerk weer uit te lopen. Boven de deur hangt een enorme zwart- wit foto met daarop de kerk hoe hij ooit was. Ervoor spelen kinderen op het kerkplein, onderdeel van de geschiedenis maar niet schuldig aan...
Hier besef ik me wat voor een enorme impact die oorlog door heel de wereld heeft gehad! In deze kerk ligt ook hun verdriet, voelbaar.




woensdag 11 mei 2011

Op weg!.......


12 mei 2011        ’s-Hertogenbosch -Son en Breugel.

Na in de vroege ochtend de laatste dingen in huis te hebben opgeruimd was ik om half 9 op weg naar Oscar. We hadden afgesproken om voor dat we naar de markt zouden lopen naar de Sint-Jan te gaan voor een kaarsje bij Maria en daarna een kopje koffie te drinken op t terras bij t Hart van Brabant.  Ondertussen stond mijn telefoon niet stil, allemaal hele lieve sms-jes van mensen dichtbij en van ver weg. Bemoedigende, mooie woorden en wensen voor een goede reis.

Aangekomen op de markt waren daar al de eerste afscheidnemers en meelopers voor de 'pelgrim voor een dag' ge-arriveerd. Meer dan ik verwacht had, bekenden en onbekenden, maar allemaal met heel veel interesse voor ons aanstaande vertrek. Het Brabants Dagblad was er zelfs om verslag te doen van onze tocht.

Rond 10 uur kregen we van Suzanne van de gemeente onze credentials van de burgemeester overhandigd, waarin hij vraagt de mensen die we onderweg ontmoeten ons gastvrij als pelgrims te onthalen. Volgens mij moet dat gaan lukken, want via het via-via netwerk zitten we al tot aan Monschau in Duitsland onder de pannen! Het is bijzonder te ervaren hoeveel mensen deze tocht ook een beetje van zichzelf te willen maken en daar zijn we heel, heel blij om.

Dus allemaal ;
Check onze route en graaf in je geheugen naar mensen die je kent aan deze weg die ons ook willen ontvangen. Schakel het netwerk in om je heen... 

Welkom op jullie pelgrimstocht naar Rome!!

woensdag 6 april 2011

Haast je langzaam......


6 april 2011

Dat is wat Festina Lente betekend,
gebruikt door vele Romeinse keizers die beseften; Je kunt beter langzaam maar gestaag gaan dan te snel.

Vele wegen leiden naar Rome, zo ook die van mij..
Met de lente en meer zon klopt mijn pelgrimshart steeds harder.
De weg roept.....
Wat als een klein vonkje een aantal jaren geleden begon, is nu een echt vuurtje dat ik nooit meer kan doven geworden.

Ga ik weer op pad, was de vraag die ik mezelf al een aantal weken geleden stelde en waarom?
Is het het gemis van de 'weg' of de pelgrims. Of is het puur de ongeduld van een nog niet verkocht huis die plannen voor de herberg steeds weer vooruit schuiven. 

Geen idee.... maar afgelopen weekend heb ik de knoop doorgehakt, ik ga luisteren naar de stem die steeds harder in mij roept , GA ..Pas ..GA...

Rome dat gaat het dus worden, aansluitend op de route die Oscar en ik gaan lopen naar Trier loop ik door.  ( www.vanhiernaartrier.heelverweg.nl  )
Over de Chemin de Paix vanuit Vezelay, waar ik vorig jaar ook al was op weg naar Santiago, loop ik richting Zwitserland om daar over de Col Saint-Bernhard vlak langs de Mont-Blanc Italie in te lopen.
Daar ga ik de Via Francigena op , de oudste pelgrimsroute van Europa die me via Assisi naar Rome gaat brengen.

Een nieuwe weg roept me, en jullie kunnen wederom allemaal vitueel meelopen.....
Ik wens jullie net zoveel plezier en avontuur op deze nieuwe pelgrimstocht als ik!

Bij; blijf op de hoogte kun je jezelf op de mailinglijst zetten.


zondag 11 juli 2010

Te voet naar huis


11 juli 2010

Met 2 uur vertraging ben ik om 5 uur met de bus in Breda, de eerste Nederlandse stad in 4 maanden. Raar dat ik hier gewoon in mijn eigen taal de weg kan vragen naar de refugio op het Begijnhof, mijn slaapplek voor die avond. Tussen Breda en 's-Hertogenbosch liggen de laatste kilometers van mijn camino, 52 om precies te zijn. Al in Santiago teruglopend van het busstation had ik bedacht om ook dat laatste stuk te lopen, te voet van en naar huis, dat leek me een mooie manier. Het geeft me wat langer de tijd om te aarden op Nederlandse bodem voor ik thuis ben. Ook haalt het de snelheid van de afgelopen dagen uit de bus weg, niet mijn favorietste deel van de pelgrimstocht. In Breda is het koopavond en oranje, ik zal het weten hebben ze gedacht, het is een klein vol land en we zitten in de finale...... Iedereen wil natuurlijk nog wat nieuws oranje scoren voor het feestje van zondag. Het begijnhof daartegen is een oase van rust in de binnenstad. Maria van de refugio is een fervent Santiago en Rome pelgrim op de fiets en ze verteld dolgraag over haar ervaringen. De meeste pelgrims komen bij haar aan op hun eerste of tweede dag, voor mij is het dag 126. Op de begijnhof wonen volgens de oude regels alleen maar dames alleen, alsof de tijd er heeft stilgestaan. De ingang is door een oude poort die om 6 uur in de avond sluit, en daarna ligt een grote kruidentuin met daaromheen zo'n 60 huisjes. Er staat een kapel op het einde van de hof en in de muur ernaast is een stenen maria ingemetseld. Het begijnhof ligt vlak naast het kasteel van de Breda, het woonhuis van de eerste Nassau's die er ook in de kerk begraven liggen. Maria heeft gerekend op het avondeten en na een douche die ik heel hard nodig heb na 2 dagen bussen, schuif ik aan aan tafel in de ''voortuin''. In niets lijkt het op de pelgrimsmaaltijden die ik de afgelopen maanden voorgeschoteld kreeg. Eerst is er pompoen/koriandersoep en daarna Mihoen met groenten en kip met een flesje zoetzure saus van Appie-Happie, toe is er vanillevla met aardbeien. Na het eten moet ik in de stad op zoek naar een pinapparaat. In tegenstelling tot in Spanje waar iedereen bijna alles nog contant betaald en er dus op elke hoek zo'n pin-ding staat, kan ik hier in de binnenstad alleen bij de supermarkt terecht. Alles wordt in Nederland gepind in de winkels zelf, daar zal ik weer opnieuw aan moeten wennen denk ik, de afgelopen maanden leefde ik op een streng en overzichtelijk geld schema, pinnen , weten wat en wanneer, uitgeven, tellen en opnieuw pinnen.
Op een andere manier is het geldverkeer op een pelgrimstocht niet te overzien, daarbij ben ik geen enkele kleine epicerie of tienda tegengekomen met een pinapparaat!!
Op de terugweg geef ik mezelf in de stad een ijsje en loop zo snel mogelijk terug naar de rustige begijnhof. Daar kijk ik in het boekje van Maria van vrienden op de fiets naar een slaapplek in Loon op Zand voor de volgende dag, ik bel en kan er de volgende dag vanaf 5 uur terecht. Meer dan vroeg genoeg want de dag erna is zo een beetje 35 km, en het is warm, on-Nederlands warm. Na een ontbijtje buiten vertek ik veel te laat om 10 uur. Foute inschatting, het is dan wel weer thuis maar het voelt vandaag als tropisch, de thermometers onderweg geven 35 graden aan en ik loop op het heetst van de dag. Ook in Nederland zijn er volop mensen die met alle liefde en plezier mijn waterfles willen vullen. Ik krijg kersen in Oosterhout en Cola in Vaart en mag in Kaatsheuvel onder de tuinsproeier en krijg er een kop koffie. Iedereen is nieuwsgierig naar ''wat doet zo'n meisje met zo'n grote rugzak?''en mijn verhaal van 3500 km naar Santiago en nu op weg terug naar huis maakt indruk en verbazing.
Rond 6 uur kom ik in Loon op Zand aan waar me een meer dan warm welkom wacht, bij pelgrims van 15 jaar geleden. De fotoboeken en de wijn staan al snel op tafel en ik zie dat ook zij zienderogen genieten van alle herinneringen die ze me vertellen over hun tocht. Tot 12 uur 's-nachts kunnen we buitenzitten en voelt het als een verlenging van de camino in Spanje. Met een beter gevoel kan ik de volgende dag niet op weg naar huis, en ook niet met een beter ontbijt trouwens. Dit keer is de prijs een kaart uit 's-Hertogenbosch, en een foto voor vertrek bij hen in de tuin.
Thuis voelt nu heel dichtbij, 18 km zeggen de anwb paaltjes, maar ik geef mezelf de tijd. Met de thuisblijvers spreek ik af om 3 uur op mijn plek van vertrek, de Wilhelminabrug in de stad. Mijn tocht begon er op 1 maart bij de wegwijzer naar Santiago met +/- 2800 km en nu wil ik er ook graag eindigen. Tussendoor drink ik een koffie met taart bij de Rustende Jager, klets ik met een groep kinderen en krijg applaus voor mijn pelgrimage en koel ik af in het water van de IJzerenman in Vught. Om 2 uur is het dan echt tijd mijn laatste 5 km te lopen, eerst nog een half uurtje door Vught en de Lunetten om om half 3 de toren van de Sint-Jan weer te zien.
Bij de brug wachten papa en mama, mijn zus en broer en heel veel familie en beste vrienden me op met tranen en bloemen en gejoel en geklap.
Ik ben weer thuis.... Lopens en te voet!!!!!

maandag 5 juli 2010

Lopen naar het einde van de wereld


5 juli 2010
100 Kilometer is het naar Finisterre, het einde van de wereld. Finis Terraea... daarna hield het op en zakte de zon weg van de aarde. Al sinds de Romeinse tijd zijn er pelgrims op deze oude Keltische route. In heel Galliscia zijn er tekens van Kelten te vinden maar zo dicht bij de zee zijn het er nog veel meer. Soms voelt het er zelfs meer Engels en Noors dan Spaans. Overal zijn er menhirs en grafheuvels en op veel boerderijen zie je Keltische beschermtekens boven de deur. Honderd kilometer in 3 dagen, en ik loop op dag 1 naar Neigrera, een stadje met een kasteel, en een kleine stadsmuur. Het nieuwe gedeelte ligt links en het oude gedeelte rechts van de rivier. Gelukkig ligt de albergue ook aan de rechterkant. Plotseling zijn de albergues weer veel kleiner er is plaats voor 20. Veel pelgrims nemen in Santiago de bus naar Finisterre en dat is jammer want de camino is hier prachtig. Veel bos en oude geplaveide pelgrimspaden. In dit gebied staan heel veel eucalypthus bomen en mint, en dus loop je de hele dag een beetje met een Dampo geurtje om je heen. Dag 2 is naar Olveira, met een rijtje gerenoveerde oude huizen en schuren als albergue. Het is klein maar heel mooi en de mensen zijn er supervriendelijk. In het enige restaurantje eten we de beste pelgrimsmaaltijd sinds weken. Allemaal streekgerechten en niks uit een potje of pakje. Op de tafel voor 6 personen staan 3 flessen wijn, en we krijgen na het toetje een lekkere kop kruidenthee. Met een lekker rozig gevoel gaan we naar bed. Om de volgende ochtend keihard wakker te worden geschut uit onze pelgrimsdroom. Het regent pijpestelen, en we moeten deze dag 42 km naar Finisterre. Na een ontbijt trekken we dapper onze regenpakken aan en gaan over een mooi pad op weg. Gelukkig leid de omgeving ons af van de regen, het is een van de authentiekste delen van de camino. Na een uur of 5 lopen stopt het met regenen en kunnen de regenpakken en poncho's op de rugzak. Tegen de tijd dat we de zee zien schijnt voorzichtig een zonnetje. Het is een fantastisch gevoel om de atlantische oceaan te zien na zo veel verschillend land.                
De pelgrims in de middeleeuwen liepen naar het einde van de wereld na Santiago om er in de zee ' opnieuw geboren' te worden. Ze verbranden hun oude kleren op het strand, en zochten er een St-Jacobsschelp om als een herboren pelgrim terug naar huis te lopen. Op het einde bij de rotsen staat het 0,00 km paaltje en dan is de camino echt op en over. Nog steeds verbranden pelgrims nu symbolisch wat van hun gedragen kleding. Daarna is het wachten op de zonsondergang en dan is de reis echt over. De 3 km die je daarna terugloopt naar het dorp Finisterre zijn de eerste van een nieuwe camino. Eentje die voor de rest van je leven is en nooit meer stopt. De camino is niet over bij 0,00 maar begint er!!