vrijdag 5 augustus 2011

Feet....


5 aug. 2011   Montefiascone- Viterbo

De Romeinen waren precieze jongens, hun wegen bouwden ze met zo een nauwkeurigheid dat ze nu, 2500 jaar later, nog gebruikt worden.

Ze maakten de weg in een aantal fases. Een basislaag, die de laagste van de laagste slaven moesten aanbrengen. Eerst bomen kappen en het deel ontginnen. Alle stenen en wortels uitgraven, en egaliseren. Alle stenen uit de grond moesten vervolgens vergruist.
En tezamen met een soort kleispul op de bodem van de "greppel" worden aangestampt. Daarop legden de iets gevorderden slaven een laag grind met kalkmortel. Aan de zijkant kwam een opstaande rand van omhoog geplaatste stenen, een soort stootrand. Inmiddels was de basislaag dan stevig genoeg en waren de stenen voor het plaveisel aangevoerd. Die kwamen nauwkeurig tegen elkaar aan geplaatst net wat hoger in t midden en zo vlak mogelijk te liggen op dat grindbed en werden vevolgens vastgevoegd. Aan de zijkanten kwamen eerst twee watergreppels om regenwater af te voeren en aan weerszijden een soort van voetpad. De weg had een exacte breedte van 13 roman feet, een lengtemaat die zij gebruikten ,en die wij nu naar 26,5 cm zouden omrekenen.
Niks meer en niks minder want al het Romeinse legermaterieel was naar deze maatstaven gemaakt. Terwijl de slaven de weg constueerden met bloed , zweet en tranen, reden de keizers met hun paardenspannen erover om het ene naar het andere dorp of stad aan hun rijk toe te voegen. Daar waren die wegen natuurlijk ook voor gemaakt, handel en vervolgens landje-pik.

Al deze wegen begonnen vanaf het centrum van hun universum ; Rome!
Elke keizer vond zichzelf belangrijk genoeg om een nieuw deel aan het rijk toe te voegen, een weg te bouwen en die vervolgens naar zichzelf te noemen.
Hij was tenslotte degene die deze weg had "gerealiseerd". Keizer Cassius besloot de weg tussen Rome en Fidenze aan te pakken. Weinig oorlog en genoeg andere stenen in de buurt hebben ervoor gezorgd dat grote delen nu nog intact zijn. Soms volledig opgegaan in een stuk bos of diep onder ons nieuwe plaveisel asfalt. Maar tussen de kleinere dorpen gewoon nog de weg!
Dus loop ik ,net als Keizer Cassius, de marktkoopman, de boeren, het leger, en andere pelgrims over deze weg: op naar Rome...

Waar Romeinse keizers ook goed in waren was vrije tijd. Een beetje rondhangen in hun paleis, een spannend feestje op z'n tijd( met de dames slaven) en natuurlijk naar het badhuis.

De omgeving hier is een groot vulkanisch gebied, en dus zijn er volop warmwater bronnen. De herkomst van de thermen die wij kennen ligt hier. Een dagje ronddobberen in een van nature warm bad met allerlei mineralen erin. Een scrubje met kwarts-zand. En daarna uitrusten met een tros druiven in de zon op een ligbedje.
Ook sommige pelgrims hebben geluk; wij!
Vlak voor Viterbo liggen de: Sorgente termale del Bagnaccio, aan de Via Francigena.  Oscar en ik spreken af dat we daar op elkaar wachten en stoppen.
Het is een Italiaans onderonsje, geen enkele toerist weet de weg naar deze oude Romeinse baden te vinden.
Vier poelen oplopend in warmte liggen er aan een stroompje met gloeiend heet en kalkrijk water. We blijven er zeker 2 uur ronddobberen. Er is tijd genoeg.
De keizers geloofden in de heilzaamheid van deze bronnen en dat ze er veel en veel mooier van werden. Maar volgens mij moet je er dan wel langer dan twee uur in. Ik merk geen verschil, behalve dat ik de laatste 6 km daarna vooral langzaam wil. Lopen naar zo'n loom badje is toch echt minder.

Viterbo is een grote stad, een van de grotere op mijn route tussen
's-Hertogenbosch en Rome. Ergens had ik bedacht om er twee nachten te blijven maar daar denk ik bij het binnenlopen al anders over. Ik heb gebeld met de parrochie van Saint Andrea voor een overnachtingsplek. De kerk blijkt midden in de oude middeleeuwse wijk "pellegrino" te liggen. Als we om een uur of twee aanbellen mogen we er van een nogal bozig klinkende dame nog niet in. "Dopo tres" klinkt het door de telecom van de bel. Als we om 3 terug komen komt ook de jonge Phillipijnse pastoor net aan.
Ons bed staat in de oude school, die ooit vol met kinderen was zoals de bijbehorende kerk vol mensen zat. Het wonen in een middeleeuwse wijk is en was niet makkelijk. Iedereen verhuisd naar de buitenrand. Historie is er alleen nog voor toeristen die zich door de nauwe straatjes wurmen. "Ooo wat moet het hier vroeger prachtig zijn geweest, zonder al die moderne toevoegingen van electra en zo" zeggen ze. Voor hun eigen gemak vergeten ze hoe het vroeger moet hebben gestonken zonder riool, en dat er in deze schattige huisjes grote gezinnen moesten wonen. Dat er dieren liepen op straat, en dat ze er ook geslacht werden. En dat er in tijden van belegering soms geen poort open was en dus ook geen eten.

Zoals de Via Cassia soms verdwijnt onder t asfalt, zo verdwijnt hier het echte middeleeuwse "woongenot" achter een splinternieuw informatiebord.
Mensen houden van geschiedenis zonder de echte soms gruwelijke en lelijke keerzijde.
 
13 Romeinse voet" breed verbond de ene met de andere stad, en door deze weg werden ze groter en groter. De Romeinse weg was de basis voor de groei van een middeleeuwse stad.
 
Op deze 13 voet brede Via zet ik ergens vandaag uitgerekend mijn 13 miljoenste voetstap van mijn 6000 km pelgrims-tocht!
Ik voel me te klein om te zeggen dat dat geschiedenis is.....

Geen opmerkingen:

Een reactie posten