7 juni 2010
Najera – Santo Domingo de la Calzada
De camino naar Santo Domingo de la Calzada is al even mooi
als de dag ervoor. Het landschap lijkt hier eindeloos en ononderbroken door te
rollen. Al vroeg vertekken we uit Najera en klimmen meteen via een steile weg
omhoog die een kleine Grand-Canyon lijkt, uitgesleten rode rotsen. Het is een
dik uur later als ik op het terras in Arzofra ontbijt met mega grote
chocoladebroodjes en café solo. Langzaam aan druppelen alle pelgrims het dorp
binnen en het terras op. Geen van allen hebben ze ontbeten in de albergue
''waar ze zo snel mogelijk wegwilden''. Het is inmiddels tegen 8 uur en al heel
erg warm, de etappe is vandaag niet echt lang maar na 2 uur moet je echt uit de
zon zijn. Goed doorlopen en veel water drinken, en misschien nog een pauze in
Ciruena, dan zou ik er om 12.00 wel moeten kunnen zijn.
Om 10.00 loop ik
tegen de nieuwe golfbaan en nieuwbouwwijk aan en de temperatuur is inmiddels
32•c. In het oude dorp, nog 1
km verder is een terras met rode parasollen en ik drink
er een ijskoude Cola. Als ik daarna terug hellingop, hellingaf de camino weer
op loop schrik ik me rot, een hele karavaan pelgrims voor me op de weg in de
verte. Waar zijn die ineens vandaan gekomen, en waarom gaan ze zo langzaam? Het
blijken geen pelgrims maar een schoolklas uit Logrono die een stukje camino
lopen en daarna de kathedraal en het klooster bezoeken, en ik, ik ben een echte
pelgrim op hun weg. Ze vragen wat over mijn tocht en ik geef hun in mijn beste
Spaans antwoord, tot een van hen vraagt, do you speak English? Als ik daar ja
op antwoord ben ik nog interesanter, ze willen allemaal heel graag laten horen
wat ze in de Engelse les leren. Als ze horen hoe ver ik ben gelopen, beland ik
al voor Santo Domingo in een kippenhok....de vragen komen van alle kanten, of
ik niet heel moe ben,hoe ik de weg weet, waar ik slaap en eet...ze kunnen zich
gewoon niet voorstellen dat dat zo maar kan, lopen vanuit Nederland. Als hun
leraar niet net zo enthousiast reageerd als zij, vooral omdat hij 40 kinderen
veilig de stad in moet loodsen, zijn ze hevig teleurgesteld.
Hij moet ze op school maar eens wijzen waar Nederland dan
precies ligt, en of hij denkt dat hij dan ook zo ver kan lopen!? Als ik voor de
pelgrimsherberg sta zouden ze het liefst mee naar binnen gaan om te kijken,
maar ze moeten door naar de kerk, ik krijg de meeste buen camino's
tegelijkertijd te horen. Ik ga naar binnen en zij gaan door, het
pelgrimsproject is een succes. In de albergue worden de pelgrims hier met heel
veel vriendelijkheid ontvangen, de albergue is splinternieuw en lijkt wel een
pelgrimshotel. Alle vervelende ervaringen van de andere twee albergues
verdwijnen als sneeuw voor de zon. Het broederschap verricht hier al 900 jaar
wonderen, onafgebroken ontvangen ze hier pelgrims, eerst in het oude
pelgrimshospice, dat nu een superluxe Parador hotel is, en sinds 2009 in hun nieuwe albergue
vlak naast de kerk. De kamers zijn er ruim, er zijn ontelbaar veel toiletten en
douches, en een goed uitgeruste keuken, dus kunnen we ook weer een keer zelf
koken. Mijn was gaat weer eens een keer in een echte wasmachine, en komt er
schoon en frisruikend uit, de zon en wind doen de rest van het werk.
Op het heetst van de dag bezoek ik de kerk met het
klooster en het museum, lekker koel! In de kerk staat de tombe van Santo
Domingo de la Calzada,
waar deze plaats zijn naam aan leent. Domingo en Juan waren twee monniken die
in rond 1000 heel erg begaan waren met de pelgrims. De weg was toen tussen
Logrono en Burgos heel erg gevaarlijk en door de vele rivieren soms
onbegaanbaar. Ze besloten de handen uit de mouwen te steken en begonnen met het
bouwen van houten bruggen en kapten bos en legden er wegen aan. Ze werden er in de middeleeuwen zo beroemd
mee dat ze als dank heilig zijn verklaard, en ze kregen ieder, de een aan het
begin, de andere aan het einde, van 'hun' weg hun eigen klooster. Als snel
ontstonden daar steden met kerken, en veel handel. Allebei zijn ze in hun eigen
stad begraven, allebei in een indrukwekkende kerk. Zij hebben dus ook voor mij
de weg geplaveid, en ik steek een kaarsje op bij de tombe van Domingo als dank.
Behalve de tombe van Domingo staat er in de kerk ook een
kippenhok, met een haan en een kip. Om Domingo heilig te kunnen verklaren waren
er natuurlijk wel wonderen nodig, een er van is deze......
Een jongeman was met zijn ouders op weg naar Santiago en
ze sliepen in een herberg. De dochter van de waard zag de jongeman wel zitten
maar hij wees haar af. Woedend stopte ze wat zilverwerk uit de herberg in zijn
tas, en in de ochtend bij vertrek beschuldigde ze hem van diefstal. De jongen
werdt schuldig verklaard en kreeg ophanging als staf. Zijn ouders vertrokken
verdrietig naar Santiago en baden daar bij de apostel voor zijn zieleheil. Op
de terugweg zagen ze tot hun verbazing en blijdschap hun zoon nog levend aan de
strop hangen. Al die tijd was hij ondersteund door de geest van Domingo. Blij
als ze waren gingen ze naar de bisschop om hun verhaal te doen. De bisschop die
net ging eten hoorde het verhaal aan? En zei; dit verhaal is ongeloofwaardig.
Uw zoon is net zo dood als de haan en kip op mijn bord. Toen hij dat zei kregen
de haan en kip weer vleugels en sprongen levend op van zijn bord. Om dit wonder
te vereren staat er nog steeds een kippenhok met haan en kip in de kerk. Het
waarschijnlijk duurste hok wat er bestaat, 12e eeuws gotisch met goud. De haan
en kip worden dagelijks gewisseld. Als de haan kraait als je in de kerk bent
betekend dat een voorspoedig einde aan je pelgrimage. En wat denk je.......
KUKELEKUU........
Geen opmerkingen:
Een reactie posten